FvD school gaat open - Moeten er grenzen zijn aan de vrijheid van onderwijs?

Gepubliceerd op 2 augustus 2026 om 17:05

Opening Forum voor Democratie-school: moeten er grenzen zijn aan de vrijheid van onderwijs?

 

Hoewel ik mezelf dagelijks voorneem zo min mogelijk nieuws te lezen omdat ik mij er vaak niet beter door voel, opende ik vanochtend toch weer de app van Nu.nl. De kop trok meteen mijn aandacht: 'FVD-basisschool opent de deuren: Dit is wat vrijheid van onderwijs kan zijn.'

Deze maand opent in Almere de Renaissanceschool, een basisschool die is geïnspireerd op de overtuigingen van Forum voor Democratie. Volgens deskundigen past de oprichting van zo'n school binnen de Nederlandse vrijheid van onderwijs. In de Tweede Kamer leven echter grote zorgen over deze nieuwe school.

Op de website van de Renaissanceschool staat onder meer:

"Basisonderwijs geïnspireerd door de waarden, schoonheid en excellentie van de Europese beschaving."

Verder wordt gesteld dat moderne ontwikkelingen hebben geleid tot vervreemdende architectuur, abstracte kunst, massale immigratie, klimaatfanatisme en de demografische neergang van Europeanen. Ook schrijft de school dat zij terug wil naar de waarden van het "oude Europa".

Ik merkte dat ik direct mijn hakken in het zand zette. Toch besloot ik de website bewust met een open blik te lezen. Dat bleek lastig.

De school schrijft onder andere: "Het is onze fundamentele levensovertuiging dat het oude Europa beter was dan het nieuwe."

Dat zette mij aan het denken. De verheerlijking van de zogenoemde "goede oude tijd" voelt ongemakkelijk. Moderne architectuur en hedendaagse kunst worden weggezet als minderwaardig, terwijl koloniale geschiedenis, traditionele gezinsstructuren en een geïdealiseerd Europees verleden juist ogenschijnlijk kritiekloos worden geprezen. Het roept bij mij historische associaties op met ideologieën waarin moderne kunst als "ontaard" werd bestempeld, een geromantiseerd verleden centraal stond en een vermeend superieure cultuur werd verheerlijkt.

Dat betekent niet dat de Renaissanceschool gelijkgesteld kan worden aan zulke ideologieën. Maar de overeenkomsten in taal en wereldbeeld ontgaan mij niet.

Persoonlijk zou ik mijn kinderen nooit naar een dergelijke school sturen.

Maar eerlijk gezegd geldt mijn ongemak niet alleen voor deze school. 

Zodra onderwijs wordt gebaseerd op een religieuze of politieke overtuiging, bekruipt mij hetzelfde gevoel. Of het nu gaat om islamitisch, streng christelijk, katholiek of politiek geïnspireerd onderwijs: zodra één overtuiging het uitgangspunt vormt, bestaat het risico dat kinderen vooral leren hoe zij naar de wereld móéten kijken, in plaats van dat zij leren zelf een wereldbeeld te ontwikkelen.

Juist daarom vraag ik mij af of onderwijs niet in de eerste plaats openbaar zou moeten zijn, met aandacht voor verschillende religies, levensbeschouwingen en maatschappelijke opvattingen. Niet om kinderen te vertellen wat zij moeten geloven, maar om hen kennis te laten maken met de diversiteit die onze samenleving kenmerkt.

Dat betekent overigens niet dat ik tegen vrijheid van onderwijs ben. Integendeel. De vrijheid om vanuit een eigen levensbeschouwing onderwijs te organiseren is een belangrijk grondrecht dat we zorgvuldig moeten beschermen.

Maar zou daar niet een ander grondrecht tegenover moeten staan?

Namelijk het recht van ieder kind om onderwijs te krijgen waarin het vrij is om een eigen wereldbeeld te ontwikkelen.

Politiek en religie zouden onderwerpen moeten zijn waarover kinderen leren, niet overtuigingen waarin zij worden gevormd.

Daar komt nog iets bij.

De Renaissanceschool moest in het verleden al eens haar deuren sluiten vanwege financiële problemen. Inmiddels maakt de school opnieuw gebruik van de mogelijkheden die artikel 23 van de Grondwet biedt. Daarmee ontvangt zij, net als andere bijzondere scholen, overheidssubsidie.

Dat roept een principiële vraag op.

Is het wenselijk dat belastinggeld wordt gebruikt om een school te financieren die nauw verbonden is met een politieke partij?

Op de website staat bovendien dat de school "biologische verschillen tussen de seksen erkent" en jongens en meisjes daarom op verschillende manieren onderwijs wil geven.

Dat klinkt op zichzelf misschien onschuldig. Natuurlijk bestaan er biologische verschillen tussen mannen en vrouwen. Maar wanneer zulke verschillen het uitgangspunt worden voor de manier waarop kinderen worden onderwezen, rijst de vraag of daarmee ook traditionele rolpatronen worden bevestigd. Waar ligt dan de grens tussen onderwijs en ideologische vorming?

Vrijheid van onderwijs mag nooit een vrijbrief zijn voor discriminatie, uitsluiting, antidemocratische vorming of partijpolitieke indoctrinatie.

Tegelijkertijd besef ik dat volledig neutraal onderwijs waarschijnlijk niet bestaat.

Elke school, iedere methode en iedere leerkracht draagt bewust of onbewust bepaalde normen en waarden over. Waardevrij onderwijs is misschien een illusie.

Maar dat ontslaat ons niet van de verantwoordelijkheid om onderwijs zo open mogelijk te organiseren.

Artikel 23 van de Grondwet maakt onderscheid tussen openbaar en bijzonder onderwijs. Openbaar onderwijs wordt door de overheid georganiseerd en moet respect tonen voor ieders godsdienst of levensovertuiging. Bijzonder onderwijs mag juist worden ingericht vanuit een religieuze, levensbeschouwelijke of pedagogische grondslag, zolang aan de wettelijke eisen wordt voldaan.

Misschien moeten we daarom een eerlijkere discussie voeren.

Zijn de zorgen over de Renaissanceschool eigenlijk niet een vorm van selectieve verontwaardiging?

We accepteren immers al decennialang dat scholen vanuit allerlei religieuze overtuigingen onderwijs geven. Waarom zou een politieke overtuiging dan ineens principieel anders zijn? Is de komst van deze school misschien vooral een symptoom van een veel bredere discussie over artikel 23 en de vrijheid van onderwijs?

Misschien is het tijd om niet alleen deze school ter discussie te stellen, maar het hele systeem.

Want als we willen dat kinderen opgroeien in een open, democratische samenleving, is het dan niet logisch dat zij elkaar juist op school ontmoeten? Dat zij leren samenleven met mensen die anders denken, anders geloven of juist nergens in geloven?

School is misschien wel de belangrijkste plek waar kinderen ontdekken dat verschillen niet bedreigend zijn, maar normaal.

Juist daarom geloof ik dat openbaar onderwijs de eerlijkste afspiegeling van onze samenleving vormt.

Vrijheid betekent immers niet alleen dat je je eigen overtuiging mag hebben. Vrijheid betekent ook dat je bereid bent ruimte te geven aan de overtuiging van een ander, zolang diezelfde ruimte jou ook wordt gegund en de democratische rechtsstaat wordt gerespecteerd.

Misschien ligt dáár uiteindelijk de echte grens van de vrijheid van onderwijs.

-Het Tegengeluid-

 Voor eenheid, tegen verdeeldheid

 


Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.

Maak jouw eigen website met JouwWeb